Opdrachtgever
Folia Magazine
Gepubliceerd
18 feb 2011
Opdrachtgever
Folia Magazine
Gepubliceerd
18 feb 2011

Bul: Giovanca

Ze werkte als fotomodel, bouwde aan een carrière als zangeres en studeerde tussen de bedrijven door af als orthopedagoog: Giovanca Ostiana

‘Mijn plan was om aan het conservatorium en de modeacademie te studeren, maar mijn ouders wilden heel graag dat ik een universitaire studie zou volgen.

Ik begreep dat wel: ik had gymnasium gedaan en zag het belang van een goede opleiding in, zeker als je daar de mogelijkheid toe krijgt. Mijn ouders hadden het liefst gezien dat ik Rechten of Economie was gaan doen. Die opleidingen hadden ze zelfs duidelijk omcirkeld in de studiegids. Ik koos voor de richting die het dichtste bij mij lag: Orthopedagogiek. Ik wilde graag met kinderen werken en ook in mijn huidige carrière probeer ik dat zo veel mogelijk te doen. Als zangeres doe ik veel voor stichting Plan Nederland, ook reis ik naar kinderen in ontwikkelingslanden en geef vaak creatieve workshops aan kinderen. De timing van mijn studie was af en toe lastig omdat ik veel werkte als achtergrondzangeres en model, maar de keuze voor Orthopedagogiek klopt achteraf gezien helemaal.

Het woord dat in mij opkomt als ik aan mijn studententijd denk, is “versnipperd”. Ik vloog door mijn propedeuse heen, maar daarna begon de creatieve kant te trekken. Ik kreeg steeds meer opdrachten voor optredens en modeshows. In het begin kon ik alles combineren, maar toen mijn studie in het derde jaar steeds serieuzer werd, lukte dat niet meer. Tot grote spijt van mijn ouders heb ik mijn studie meerdere malen tijdelijk stopgezet. Ze vonden dat niet kunnen en zeiden: “Maak het nu af, daarna ligt de hele wereld voor je open”. Tja, dat wilde ik ook wel, maar er kwamen kansen op mijn pad waartegen ik simpelweg geen nee kon zeggen. De moeilijkste tijd brak aan toen ik mijn scriptie moest schrijven. In kleedkamers zat ik met mijn laptop op schoot wetenschappelijke publicaties te lezen en terwijl de rest van de crew een stad aan het verkennen was, worstelde ik in hotelkamers met moeilijke statistiekprogramma’s. Ondertussen werkte ik ook nog aan mijn debuutalbum Subway Silence, waardoor ik afwisselend scriptiehoofdstukken en liedjes schreef.

De motivatie om af te studeren vond ik tijdens een reis die ik voor het Koninklijk Instituut voor de Tropen maakte naar Suriname. Ik trad daar op en gaf een workshop aan een groep kinderen die veel talent, maar ook veel moeilijkheden hadden. Terwijl we met z’n allen een voorstelling in elkaar aan het knutselen waren, merkte ik hoezeer zo’n workshop een middel is om bij die kinderen te kunnen zijn en een positieve bijdrage aan hun problematiek te kunnen leveren. Het was een emotionele ervaring die me deed inzien dat ik én wilde afstuderen én mijn grote passie voor muziek wilde volgen. Het was niet altijd makkelijk, maar het heeft mij gemaakt tot wie ik ben: een zangeres die gek is op kinderen en de pedagogische achtergrond heeft om daar iets wezenlijks mee te doen.

Als ik vroeger langs de Universiteitsbibliotheek fietste, op weg naar een repetitie of naar een fotoshoot, dan zag ik groepjes studenten voor de deur die elkaar kenden van de bibliotheek. Ik realiseerde mij op dat soort momenten dat ik niemand kende van de bibliotheek, dat ik niet zo’n groepje had. Ik was geen conventionele student, maar ik ben ontzettend blij dat ik aan de UvA gestudeerd heb. Het was een mooie tijd, hoe versnipperd die ook was.’