Opdrachtgever
LUMC
Gepubliceerd
26 apr 2016
Opdrachtgever
LUMC
Gepubliceerd
26 apr 2016

Zo blijft de dokter zelf gezond

LUMC Magazine #7

Zo blijft de dokter zelf gezond


Maurice Bizino (34) arts in opleiding tot specialist en promovendus, traint voor de

triathlon. Hij fietst vrijwel iedere dag zo’n 40 kilometer.


“Ik kom meestal op mijn racefiets naar het LUMC. Dat bevalt enorm goed, zeker als ik bedenk

dat ik anders in de file zou staan of met een overvolle trein zou reizen. Ik woon in Den Haag en

heb twee routes: de korte route langs de rijksstraatweg van zo’n 18 kilometer en een langere

route door de duinen van 24 kilometer. Sinds een paar jaar train ik voor triathlons en probeer ik

in het weekend ook te rennen en te zwemmen. Een enkele keer ga ik doordeweeks hardlopen

naar mijn werk. Dan jog ik van huis naar het station, pak ik de stoptrein, stap ik in Voorschoten

uit en ren ik weer verder. In totaal heb ik dan toch mooi 10 kilometer gelopen voordat ik achter

mijn bureau ga zitten.

Eigenlijk ben ik ervan overtuigd dat de bekende norm van 30 minuten bewegen per dag te

weinig is. Ik sport gemiddeld ruim een uur per dag en volgens mij is dat de manier om

veranderingen in je lichaam teweeg te brengen die je beschermen en gezond houden. Mensen

vragen weleens waar ik de tijd vandaan haal om zoveel te sporten, maar omdat ik het

combineer met mijn woon-werkverkeer, ben ik er geen extra tijd aan kwijt. Van deur tot deur ben

ik met de auto, de trein of met mijn racefiets even snel. Sterker nog, vaak ben ik zelfs sneller

met de fiets. Mijn vriendin werkt ook in het LUMC en zij gaat met de auto. Als we ‘s ochtends

tegelijkertijd vertrekken, ben ik soms al aan het werk als zij nog in de file staat.

Mijn tip voor mensen die meer zouden willen bewegen, is: leg de lat niet te hoog en kies een

activiteit die je leuk vindt. Mensen denken vaak dat je jezelf uren in de sportschool moet

afbeulen om fit te worden, maar als je geen plezier hebt in wat je doet, houd je dat nooit lang

vol. Pak eens wat vaker de fiets in plaats van de auto, of ga lopend naar je werk in plaats van

met de bus. Als je dat regelmatig doet, merk je binnen de kortste keren al verschil.”


Hoogleraar neurofysiologie Joke Meijer (57) doet onderzoek naar onze biologische klok.

Ze weet als geen ander hoe belangrijk een goede balans tussen licht en donker is.


“We hebben allemaal een biologische klok in onze hersenen die een ritme aangeeft van

ongeveer 24 uur per dag. Ons lichaam is er op gebouwd om binnen dat ritme te functioneren.

Overdag maken we bijvoorbeeld enzymen aan die ons eten beter verteren, terwijl ‘s nachts juist

de hersencentra actief zijn die we nodig hebben om te kunnen slapen. Sinds een jaar of tien

weten we dat ons bioritme heel belangrijk is voor onze gezondheid. Het verstoren van je ritme

kan leiden tot hart- en vaatziektes, suikerziekte of depressies. Helaas wordt in de huidige

samenleving ons 24-uursritme op steeds grotere schaal verbroken: we werken in

ploegendiensten, vliegen naar andere tijdzones en blijven langer op. Ook wordt de verlichting in

huis steeds feller en laat licht nu net de belangrijkste factor zijn om je biologische klok te

beïnvloeden. Als je het licht ziet op momenten dat het eigenlijk donker moet zijn, wordt je ritme

verstoord. Terwijl licht overdag juist goed is voor je biologische klok. Licht is dus niet per se

gezond of ongezond, maar heeft twee kanten: het is goed tijdens de dag en slecht tijdens de

nacht.

Ik houd erg van een lichte omgeving en doe ‘s avonds heus wat lampen aan, maar wel minder

fel dan dat ik vroeger deed. En ik let er goed op dat ik ‘s ochtends meteen licht krijg bij het

opstaan. Behalve voor je biologische klok is het ook belangrijk om overdag voldoende licht te

krijgen omdat je hersenen dan beter functioneren. Gelukkig heb ik een lichte werkkamer met

grote ramen. En als ik ‘s avonds een keer wat langer doorwerk, dan ga ik thuis in een goed

verlichte kamer zitten zodat ik helder blijf.

Naast licht speelt beweging ook een belangrijke rol. Bewegen activeert bepaalde

hersennetwerken en versterkt de werking van je biologische klok. Waar je van stilzitten suffig

wordt, houdt beweging je juist wakker. Ik sport zelf regelmatig: ik schaats in de winter, tennis in

de zomer, zit op conditietraining en op ballet. Ach, uiteindelijk gaat alles hand in hand. Genoeg

daglicht, genoeg beweging, goed slapen; het helpt allemaal mee om je gezond te houden. Mijn

advies is dan ook om op al die vlakken een beetje alert te blijven. Maar niet te verkrampt hoor,

het moet wel leuk blijven.”


Verouderingswetenschapper David van Bodegom (38) onderzoekt bij de Leyden

Academy on Vitality and Ageing hoe mensen gezond oud kunnen worden. Hij heeft

talloze tips en trucs voor een gezonde levensstijl.


“In Nederland lijden veel 65-plussers aan ouderdomsziektes zoals hart- en vaatziektes,

botontkalking of ouderdomsdiabetes. Veel mensen denken dat het nu eenmaal bij het ouder

worden hoort, maar ik heb onderzoek gedaan onder oudere mensen in Ghana, Afrika, en bij

hen komen deze ziektes nauwelijks voor. Zij worden gezond gehouden door hun omgeving.

Waar we in Nederland vaak de hele dag zitten en als tussendoortje een croissantje eten, zijn

mensen op het Ghanese platteland de hele dag in beweging en eten ze nooit te veel.

In rijke Westerse landen is het lastig om gezonde gewoontes te handhaven. Iedereen weet dat

je iedere dag twee ons groente zou moeten eten en elke dag moet bewegen... maar bijna

niemand doet het. En dat is ook niet zo gek, want ons lichaam is er op gebouwd om net iets

meer te eten dan goed voor je is en je energie te sparen. In de oertijd was het juist handig om

een extraatje te hebben voor het geval je de dag erna niets zou eten. Gelukkig kunnen we onze

omgeving zo aanpassen dat ons lichaam minder snel verleid wordt. Zet bijvoorbeeld in plaats

van een grote pot snoep een schaal fruit neer. En leg als bedrijf geen kroketten in de kantine,

maar verse groente. Het zijn dit soort kleine aanpassingen die op langere termijn een groot

verschil maken. Ik pas er veel toe in mijn eigen leven. Zo hebben we bij ons thuis kleine

bordjes, omdat je daarvan zonder dat je het door hebt een stuk minder eet. Ook staat onze

thermostaat nooit hoger dan 18 graden; dan moet je lichaam net iets harder werken om je op

temperatuur te houden. Op mijn werk heb ik sinds een jaar een sta-bureau. Een paar uur per

dag achter je computer staan is veel gezonder dan alsmaar zitten. Mijn collega’s moesten er in

het begin om lachen, maar zijn inmiddels ook allemaal overgestapt. We hebben zelfs een

vergadertafel op sta-hoogte. Of neem beweging: zelf houd ik zo niet van sporten, ik vind het

zonde van mijn tijd en beleef er geen plezier aan. Maar ik moet ‘s ochtends toch naar mijn werk,

dus pak ik de fiets van Den Haag naar Leiden in plaats van de auto. Dan hoef ik ‘s avonds niet

meer naar de sportschool en kan ik lekker op de bank zitten.”

Samen met hoogleraar ouderengeneeskunde Rudi Westendorp schreef David van Bodegom

het boek ‘Oud worden in de praktijk, laat de omgeving het werk doen’.


Fysiotherapeut Judith Geertsma (39) is een paar keer per week in de sportschool te

vinden en eet zoveel mogelijk suiker-, zuivel- en tarwevrij.


“Ik beweeg veel en eet bewust. Als fysiotherapeut weet ik natuurlijk heel goed wat sporten

allemaal voor je kan doen. En door mijn werk in het ziekenhuis zie ik helaas maar al te vaak wat

ongezond leven met je kan doen. Ik heb door de jaren heen veel verschillende sporten

beoefend en ben uitgekomen bij mixed martials arts; een combinatie van vechtsporten waarbij

je niet echt in gevecht bent, maar wel op intensieve wijze met iemand spart. Ook heb ik een

paar jaar terug mijn eetpatroon omgegooid. Mijn zoontje, inmiddels 5 jaar oud, kreeg als baby

namelijk erge eczeem en astma-klachten. Iets wat ik zelf als klein kindje ook had gehad, zij het

in mindere mate. Bij mijn zoontje kon er lange tijd geen oorzaak gevonden worden, tot ik via de

huisarts bij een voedingsdeskundige terecht kwam. Ik ontdekte dat veel mensen, waaronder ik

en mijn zoontje, bepaalde voedingsmiddelen niet goed kunnen verdragen. Het gaat dan meestal

om suiker, tarwe, zuivelproducten en varkensvlees. Toen mijn zoontje 2,5 was, ben ik deze

voedingsmiddelen gaan uitsluiten. We eten sindsdien vooral veel groente, vis en fruit, en alles

bij voorkeur biologisch en van het seizoen.

Tegenwoordig is het mijn tweede natuur geworden, maar toen was het wel even wennen. We

ontbijten met gebakken groente of rijstwafels met suikervrije jam in plaats van een

boterhammetje met kaas. Als tussendoortje bak ik koekjes van amandel- en boekweitmeel met

biologische honing. ‘s Middags eten we omelet met gebakken groente en ‘s avonds maak ik nog

meer groente met een stukje vis of kip. Deze nieuwe manier van eten heeft ons leven compleet

veranderd: mijn zoontje gebruikt al een jaar geen astma-medicijnen meer en zijn eczeem is

helemaal verdwenen. Ik heb me nog nooit zo fit gevoeld: ik heb geen meer last van eczeem of

een opgeblazen gevoel, heb energie voor tien en ben spontaan vijf kilo afgevallen.

Heel af en toe zondig ik nog. Bijvoorbeeld als een patiënt naar huis mag en op taart trakteert. Ik

neem dan een stukje, ook al weet ik dat ik last zal krijgen van een suikerdip en ‘s avonds wat

buikpijn heb. Ach, als het écht lekkere taart is, heb ik dat er wel voor over. En dan eet ik de rest

van de maand gewoon weer heel gezond.”